Is Brussel een goede plek om je kinderen te laten opgroeien?
25 September 2025
Als moeder van twee zonen voel ik elke dag wat er op het spel staat. De zorg voor hun toekomst is geen abstract politiek project, het is mijn dagelijkse realiteit.
Het is een vraag die veel jongere ouders zich stellen. Rapper Brihang vraagt het zich luidop af in een documentaire op Canvas. Hij vond Brussel te ruw en trok naar Brugge. Voor mij is het antwoord duidelijk: ja. Het is soms moeilijk om van Brussel te houden, maar voor mij is het in goede en kwade tijden. Brussel is een goede plek om kinderen groot te brengen. Net omdát deze stad zo divers en levendig is.
Ik ben zelf niet in Brussel geboren, maar koos bewust voor deze stad. Mijn studies moesten en zouden in Brussel zijn. Met mijn kinderen in de buggy picknickte ik mee op wat vandaag de Piétonnier is: een symbool van de stad die stap voor stap verandert. En hoewel mijn familie me jarenlang vroeg wanneer ik ‘terug zou komen’, had ik zelf nooit de neiging om weg te trekken. Maar ik ben wél in de politiek gegaan om de stad te veranderen, om de stad beter te maken.
Brussel heeft de jongste bevolking van het land. Maar tegelijk groeit één op de vijf kinderen op in armoede. Dat kan en mag niet. Ik herken de stress van een crècheplaats zoeken, de loterij van de schoolinschrijvingen, de zoektocht naar een betaalbare woning. Dat zijn uitdagingen die vele Brusselse gezinnen nog veel harder voelen dan ikzelf. Ik besef dat ik in veel opzichten geluk heb gehad, en dat mijn ervaringen zeker niet de norm zijn.
Als moeder van twee zonen voel ik elke dag wat er op het spel staat. De zorg voor hun toekomst is geen abstract politiek project, het is mijn dagelijkse realiteit. Je wil niet wakker liggen van verkeersongevallen of van de lucht die je kinderen inademen. En ja, soms is Brussel intens. Maar intens betekent ook vol leven. Hier leren kinderen dat zacht en sterk perfect samen kunnen gaan. Dat zorgzaamheid hand in hand kan gaan met moed.
Brussel is al rijk aan wat elke ouder zoekt: bruisend én leefbaar. Je vindt hier talloze parken en speeltuinen waar kinderen kunnen ravotten. Musea die nieuwsgierigheid prikkelen bij jong en oud. De stad biedt sterk onderwijs, goede scholen én een intens cultureel leven met festivals, tentoonstellingen en theater. Dankzij een betrouwbaar openbaar vervoer, inclusief gratis reizen voor kleintjes, raken gezinnen vlot thuis of op ontdekkingstocht.
Maar het werk is nog lang niet af. Een stad op kindermaat: dat is niet zomaar een holle slogan waarmee ik naar de campagne trok. Want elk kind verdient ademruimte, speelruimte en toekomstruimte.
Dat begint bij eerlijke kinderbijslag en betaalbare woningen. Geen enkel kind mag ziek worden van slechte lucht of te ongezonde leefomstandigheden. Daarnaast moeten we investeren in betaalbare en toegankelijke kinderopvang, zodat elk gezin de zorg kan vinden die het nodig heeft, en zodat werken en zorgen beter te combineren zijn.
Ook het onderwijs moet meer afgestemd worden op de Brusselse realiteit: meertaligheid omarmen als kracht, gezonde schoolmaaltijden, en leerkrachten die vertrouwen en ruimte krijen. Elk kind zou zelfstandig en veilig naar school moeten kunnen, daarom pleit ik volop voor schoolwijken. Tot slot zijn groen en water dichtbij huis noodzakelijk voor gezond opgroeien: parken, bomen, speelplekken en verkoelende plekken op wandelafstand van elk gezin. Het beperkt aanbod van zwembaden en het gebrek aan openluchtzwemmen is vooral in de zomer een gemis voor heel wat Brusselaars.
Brussel op kindermaat maken is geen luxe, maar een noodzaak. Want een stad die goed is voor kinderen, is goed voor iedereen. En als moeder én politica blijf ik daarvoor vechten.